Categorie archief: Windows 7

Het uiterlijk kan bedrieglijk zijn

We weten allemaal dat de grafische schil op onze Linux computer niets meer of minder is dan een mooi laagje om het ‘echte’ besturingssysteem heen (dat wisten jullie toch?).  Zo kun je zelf kiezen tussen een GNOME desktop, een KDE desktop, LXDE, Xfce of Enlightenment. Liefhebbers van de GNOME desktop kan ik echt de Bisigi thema’s aanraden. Die zijn echt om door een ringetje te halen. Maar het kan altijd radicaler, zo radicaal dat je denkt achter een Windows 7 desktop te werken. Lees de rest van dit bericht

Het uiterlijk kan bedrieglijk zijn

We weten allemaal dat de grafische schil op onze Linux computer niets meer of minder is dan een mooi laagje om het ‘echte’ besturingssysteem heen (dat wisten jullie toch?).  Zo kun je zelf kiezen tussen een GNOME desktop, een KDE desktop, LXDE, Xfce of Enlightenment. Liefhebbers van de GNOME desktop kan ik echt de Bisigi thema’s aanraden. Die zijn echt om door een ringetje te halen. Maar het kan altijd radicaler, zo radicaal dat je denkt achter een Windows 7 desktop te werken. Lees de rest van dit bericht

Gemeenschap of gebruikers?

Deze week heb ik weinig tijd om aan Open Barrières te werken, maar vertel dat mijn hersens maar eens. Het creatieve proces gaat gewoon door en dan word je wakker met de contouren van een volgend onderdeel voor het boek. Vandaag draait het schrijven rond twee observaties, twee gedachten die zich een aantal weken geleden in mijn geest hebben vastgezet:

  1. Ubuntu begint steeds meer op Windows te lijken, en
  2. Vrije en open source gemeenschappen kunnen trots zijn op hun gemeenschappen, maar Microsoft maakt software waar mensen mee willen werken.

Nu ben ik ook direct de eerste persoon om hier gelijk op af te dingen (nee, ik heb geen gespleten persoonlijkheid ;-) ), maar de observaties stimuleren het schrijfproces.

Door het werk aan de nieuwe Basiscursus Ubuntu 10.04 werd duidelijk welke verbeteringen de ontwikkelaars aan de distributie hadden aangebracht, onder andere via het Papercuts-project. Maar het viel ook op welke applicaties in de afgelopen twee, drie jaar nauwelijks zijn veranderd. Ik denk dan even aan programma’s als OpenOffice.org en Evolution. Natuurlijk zijn er verbeteringen aangebracht en ik ben ervan overtuigd dat het onder de motorkap veel betere programma’s zijn geworden. Ik schrijf echter voornamelijk voor eindgebruikers en die kijken niet onder de motorkap. Ubuntu doet er heel veel aan om de installatie en de eerste gebruikerservaring zo soepel en simpel mogelijk te laten verlopen. Er wordt hard gewerkt om de eigenaardigheden van het besturingssysteem naar de achtergrond te drukken en de gebruikers vervolgens met zo min mogelijk meldingen of opties te confronteren. Dit lag onder andere ten grondslag aan de observatie dat Ubuntu steeds meer op Windows begint te lijken. De vraag die ik nu voor Open Barrières wil beantwoorden is of dit wel een goede weg is. Is versimpeling van de open source desktop de juiste route om acceptatie door eindgebruikers te vergroten? Is het goed om een Ubuntu manual te schrijven waarin wel het ‘hoe’, maar slechts in beperkte mate het ‘waarom’ een plaats heeft? Verliezen we dan niet het -voor mij belangrijker doel- van het verschaffen van vrijheid aan gebruikers uit het oog?

De tweede gedachte hangt hiermee samen. Een distributie als Ubuntu is in hoge mate afhankelijk van wat elders aan ontwikkeling wordt verricht. Na de soepele en simpele installatie, en het afconfigureren, moet een gebruiker het dagelijks werk kunnen doen.  Programma’s als OpenOffice.org, Evolution, Empathy, Firefox, Gwibber en Rhythmbox zijn prima programma’s.  Met meerdere Ubuntu-desktops in huis komen ze dagelijks voorbij, maar meer en meer loop ik dan wel tegen grenzen aan. Als ik serieus schrijfwerk moet verrichten dan gebruik ik OpenOffice.org niet meer, maar LyX. Als dat schrijfwerk de fase van redactie in gaat en de opmaak wat complexer wordt, dan schakel ik regelmatig genoeg over naar Office 2007. Evolution heeft al plaats moeten maken voor GMail. Gwibber vreet systeembronnen en kan niet op tegen het gemak van Hootsuite of Seesmic. Firefox begon ooit als een afslanking van Mozilla, maar als ik nu een slanke en snelle browser wil hebben dan kies ik voor Google Chrome. Gelukkig heb ik door het gebruik van open standaarden en vrije en open source software de keuze om te switchen. Maar bekijk het eens van het perspectief van een beginnende gebruiker die voor het eerst kennis maakt met de open source desktop.

Kijk dan ook eens naar Apple. Gesloten hardware, gesloten software, gesloten ecosysteem, hardware die zeker bij vroege generaties minder presteert dan andere producten in het marktsegment, maar gebruikers slikken het zonder al te veel problemen. Ja, wij, als vrije en open source nerds gaan mopperen (om vervolgens toch iets te mompelen als ‘het ziet er wel strak uit’). Ergens blijft een kloof bestaan tussen de enorme creativiteit van vrije en open source ontwikkelaars en dat wat gebruikers graag willen gebruiken. Behalve als gebruikers niet weten dat hun apparaatje op Linux draait, wat weer de vraag oproept waarom die kloof in dat soort gevallen is verkleind? En wat kunnen we daarvan leren voor de open source desktop?

Vragen, vragen. En ik heb helemaal geen tijd om ze deze week te beantwoorden.

Gemeenschap of gebruikers?

Deze week heb ik weinig tijd om aan Open Barrières te werken, maar vertel dat mijn hersens maar eens. Het creatieve proces gaat gewoon door en dan word je wakker met de contouren van een volgend onderdeel voor het boek. Vandaag draait het schrijven rond twee observaties, twee gedachten die zich een aantal weken geleden in mijn geest hebben vastgezet:

  1. Ubuntu begint steeds meer op Windows te lijken, en
  2. Vrije en open source gemeenschappen kunnen trots zijn op hun gemeenschappen, maar Microsoft maakt software waar mensen mee willen werken.

Nu ben ik ook direct de eerste persoon om hier gelijk op af te dingen (nee, ik heb geen gespleten persoonlijkheid ;-) ), maar de observaties stimuleren het schrijfproces.

Door het werk aan de nieuwe Basiscursus Ubuntu 10.04 werd duidelijk welke verbeteringen de ontwikkelaars aan de distributie hadden aangebracht, onder andere via het Papercuts-project. Maar het viel ook op welke applicaties in de afgelopen twee, drie jaar nauwelijks zijn veranderd. Ik denk dan even aan programma’s als OpenOffice.org en Evolution. Natuurlijk zijn er verbeteringen aangebracht en ik ben ervan overtuigd dat het onder de motorkap veel betere programma’s zijn geworden. Ik schrijf echter voornamelijk voor eindgebruikers en die kijken niet onder de motorkap. Ubuntu doet er heel veel aan om de installatie en de eerste gebruikerservaring zo soepel en simpel mogelijk te laten verlopen. Er wordt hard gewerkt om de eigenaardigheden van het besturingssysteem naar de achtergrond te drukken en de gebruikers vervolgens met zo min mogelijk meldingen of opties te confronteren. Dit lag onder andere ten grondslag aan de observatie dat Ubuntu steeds meer op Windows begint te lijken. De vraag die ik nu voor Open Barrières wil beantwoorden is of dit wel een goede weg is. Is versimpeling van de open source desktop de juiste route om acceptatie door eindgebruikers te vergroten? Is het goed om een Ubuntu manual te schrijven waarin wel het ‘hoe’, maar slechts in beperkte mate het ‘waarom’ een plaats heeft? Verliezen we dan niet het -voor mij belangrijker doel- van het verschaffen van vrijheid aan gebruikers uit het oog?

De tweede gedachte hangt hiermee samen. Een distributie als Ubuntu is in hoge mate afhankelijk van wat elders aan ontwikkeling wordt verricht. Na de soepele en simpele installatie, en het afconfigureren, moet een gebruiker het dagelijks werk kunnen doen.  Programma’s als OpenOffice.org, Evolution, Empathy, Firefox, Gwibber en Rhythmbox zijn prima programma’s.  Met meerdere Ubuntu-desktops in huis komen ze dagelijks voorbij, maar meer en meer loop ik dan wel tegen grenzen aan. Als ik serieus schrijfwerk moet verrichten dan gebruik ik OpenOffice.org niet meer, maar LyX. Als dat schrijfwerk de fase van redactie in gaat en de opmaak wat complexer wordt, dan schakel ik regelmatig genoeg over naar Office 2007. Evolution heeft al plaats moeten maken voor GMail. Gwibber vreet systeembronnen en kan niet op tegen het gemak van Hootsuite of Seesmic. Firefox begon ooit als een afslanking van Mozilla, maar als ik nu een slanke en snelle browser wil hebben dan kies ik voor Google Chrome. Gelukkig heb ik door het gebruik van open standaarden en vrije en open source software de keuze om te switchen. Maar bekijk het eens van het perspectief van een beginnende gebruiker die voor het eerst kennis maakt met de open source desktop.

Kijk dan ook eens naar Apple. Gesloten hardware, gesloten software, gesloten ecosysteem, hardware die zeker bij vroege generaties minder presteert dan andere producten in het marktsegment, maar gebruikers slikken het zonder al te veel problemen. Ja, wij, als vrije en open source nerds gaan mopperen (om vervolgens toch iets te mompelen als ‘het ziet er wel strak uit’). Ergens blijft een kloof bestaan tussen de enorme creativiteit van vrije en open source ontwikkelaars en dat wat gebruikers graag willen gebruiken. Behalve als gebruikers niet weten dat hun apparaatje op Linux draait, wat weer de vraag oproept waarom die kloof in dat soort gevallen is verkleind? En wat kunnen we daarvan leren voor de open source desktop?

Vragen, vragen. En ik heb helemaal geen tijd om ze deze week te beantwoorden.

Softwarefreedom Day 2009

Vandaag was het Softwarefreedom Day, een dag om stil te staan bij de waarde van vrije en open source software. Dat heb ik dan ook maar gedaan want FOSS heeft heel wat in mijn leven veranderd. Het valt niet te beschrijven hoeveel ik heb geleerd over software en hardware. FOSS opende de deur naar een nieuwe wereld waar open, delen en transparantie centraal staan. In de loop der jaren heb boeiende nieuwe mensen leren kennen. En het heeft een nieuwe carriere opgeleverd.

Softwarefreedom Day 2009

Vandaag was het Softwarefreedom Day, een dag om stil te staan bij de waarde van vrije en open source software. Dat heb ik dan ook maar gedaan want FOSS heeft heel wat in mijn leven veranderd. Het valt niet te beschrijven hoeveel ik heb geleerd over software en hardware. FOSS opende de deur naar een nieuwe wereld waar open, delen en transparantie centraal staan. In de loop der jaren heb boeiende nieuwe mensen leren kennen. En het heeft een nieuwe carriere opgeleverd.

Windows 7 RC – na een paar maanden spelen

Ja, ja, ik weet het. Hoe haal ik het in mijn hoofd als open source schrijver mij in te laten met Windows, in welke variant maar ook? Daar zijn een paar goede redenen voor. Op de eerste plaats staat mijn werkgever nog met beide benen in de Windows wereld en dat maakt dat ik op zijn minst 28 uur per week achter een Windows bak mag kruipen. Daar draait dan gelukkig wel een gezonde collectie open source software op, dat dan weer wel. Een andere reden is dat mijn praktische schrijfsels grotendeels gericht zijn op een lezerspubliek dat tot dusverre een Windows-only omgeving kende en de eerste stappen wil wagen richting Linux en open source. Het blijft dan handig te weten wat hun referentiekaders zijn.

Een laatste reden is dat ik het gewoon leuk vind met software te spelen. Windows, Mac OSX, *BSD, Linux, BeOS/Haiku, (Open)Solaris, Syllable, voor de lol van het spelen maakt het mij niet zo veel uit.

Persoonlijk vind ik het wel een sterke zet van Microsoft om de RC van Windows 7 zo ruim te verspreiden en ‘m tot volgend jaar juni actief te houden. Er zijn meer dan genoeg ‘early adopters’, volgens mij ook in de open source wereld, die er mee aan de slag gaan. ‘Gratis’ blijft een krachtig argument ;) .

Ik heb de RC op mijn mobiele werkpaard geïnstalleerd, naast Windows XP, PC-BSD, Mandriva en Ubuntu (maakt de verhouding open versus gesloten 3:2 :p ). Voor de specs: het is een Acer Aspire 3681 WXMi, Intel Celeron M 410, een Mobile Intel 940 GML Express grafische chip en 2 GB RAM. Windows Vista heb ik niets eens geprobeerd, daar had ik al snel mijn buik van vol op een veel krachtiger machine.

Ondertussen ben ik al een paar maanden verder. In die periode heb ik mijn XP installatie niet meer aangeraakt. Windows 7 draait vlot. Updates worden prima verwerkt, zonder het systeem lam te leggen zoals mijn ervaring bij Vista. Ik heb geen problemen ervaren met mijn collectie open source software (of met de gesloten software). Een eigenaardigheid blijft dat Windows 7 iedere keer dat ik een externe HD in prik van mening is dat er iets met het apparaat aan de hand is en wil scannen. Dat heb ik één keer toegelaten en daarna begonnen de problemen pas echt.

De verschillen in de grafische interface tussen XP en 7 zijn groot genoeg om even te moeten wennen, maar als je toch al gewend om tussen besturingssystemen en werkomgevingen te switchen is dat niet echt problematisch. Ik kan me wel voorstellen dat beginnende overstappers baat hebben bij een introductietraining. Door de hele omgeving heen zie ik vragen staan als “How do I….?” met een snelkoppeling naar de specifieke hulpfunctie. Misschien stonden ze ook al in XP, maar ze vallen nu goed op. De hulpschermen zijn toegankelijk genoeg.

Er valt nog genoeg te zeggen over Windows 7, maar dat is voor toekomstige artikeltjes. Mijn indruk na een paar maanden is positief. Ongetwijfeld valt er heel wat kritiek te leveren op wat er onder de motorkap gebeurd, op de houding van Microsoft richting concurrenten etcetera, maar voor de gewone gebruiker heeft het bedrijf zich toch mooi gerevancheerd voor het Vista-debacle. Maar goed, dat heeft het destijds ook gedaan na Windows ME. XP bleek daarna ook een blijvertje en zelfs sterk genoeg om Vista te overleven.

Windows 7 RC – na een paar maanden spelen

Ja, ja, ik weet het. Hoe haal ik het in mijn hoofd als open source schrijver mij in te laten met Windows, in welke variant maar ook? Daar zijn een paar goede redenen voor. Op de eerste plaats staat mijn werkgever nog met beide benen in de Windows wereld en dat maakt dat ik op zijn minst 28 uur per week achter een Windows bak mag kruipen. Daar draait dan gelukkig wel een gezonde collectie open source software op, dat dan weer wel. Een andere reden is dat mijn praktische schrijfsels grotendeels gericht zijn op een lezerspubliek dat tot dusverre een Windows-only omgeving kende en de eerste stappen wil wagen richting Linux en open source. Het blijft dan handig te weten wat hun referentiekaders zijn.

Een laatste reden is dat ik het gewoon leuk vind met software te spelen. Windows, Mac OSX, *BSD, Linux, BeOS/Haiku, (Open)Solaris, Syllable, voor de lol van het spelen maakt het mij niet zo veel uit.

Persoonlijk vind ik het wel een sterke zet van Microsoft om de RC van Windows 7 zo ruim te verspreiden en ‘m tot volgend jaar juni actief te houden. Er zijn meer dan genoeg ‘early adopters’, volgens mij ook in de open source wereld, die er mee aan de slag gaan. ‘Gratis’ blijft een krachtig argument ;) .

Ik heb de RC op mijn mobiele werkpaard geïnstalleerd, naast Windows XP, PC-BSD, Mandriva en Ubuntu (maakt de verhouding open versus gesloten 3:2 :p ). Voor de specs: het is een Acer Aspire 3681 WXMi, Intel Celeron M 410, een Mobile Intel 940 GML Express grafische chip en 2 GB RAM. Windows Vista heb ik niets eens geprobeerd, daar had ik al snel mijn buik van vol op een veel krachtiger machine.

Ondertussen ben ik al een paar maanden verder. In die periode heb ik mijn XP installatie niet meer aangeraakt. Windows 7 draait vlot. Updates worden prima verwerkt, zonder het systeem lam te leggen zoals mijn ervaring bij Vista. Ik heb geen problemen ervaren met mijn collectie open source software (of met de gesloten software). Een eigenaardigheid blijft dat Windows 7 iedere keer dat ik een externe HD in prik van mening is dat er iets met het apparaat aan de hand is en wil scannen. Dat heb ik één keer toegelaten en daarna begonnen de problemen pas echt.

De verschillen in de grafische interface tussen XP en 7 zijn groot genoeg om even te moeten wennen, maar als je toch al gewend om tussen besturingssystemen en werkomgevingen te switchen is dat niet echt problematisch. Ik kan me wel voorstellen dat beginnende overstappers baat hebben bij een introductietraining. Door de hele omgeving heen zie ik vragen staan als “How do I….?” met een snelkoppeling naar de specifieke hulpfunctie. Misschien stonden ze ook al in XP, maar ze vallen nu goed op. De hulpschermen zijn toegankelijk genoeg.

Er valt nog genoeg te zeggen over Windows 7, maar dat is voor toekomstige artikeltjes. Mijn indruk na een paar maanden is positief. Ongetwijfeld valt er heel wat kritiek te leveren op wat er onder de motorkap gebeurd, op de houding van Microsoft richting concurrenten etcetera, maar voor de gewone gebruiker heeft het bedrijf zich toch mooi gerevancheerd voor het Vista-debacle. Maar goed, dat heeft het destijds ook gedaan na Windows ME. XP bleek daarna ook een blijvertje en zelfs sterk genoeg om Vista te overleven.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.